Kinderen en personeel van de Mariaschool nemen afscheid van conciërge Carel Boon
Kinderen en personeel van de Mariaschool nemen afscheid van conciërge Carel Boon

Markante Mariaschool-conciërge Carel Boon nu echt met pensioen

ULFT – Afgelopen maand nam conciërge en manusje-van-alles Carel Boon (72) na ruim dertig jaar afscheid van de Mariaschool. Vanaf zijn geboorte heeft hij een spasme waardoor hij aan een rolstoel gebonden is. Een enorme wilskracht kenmerkt de markante Boon. Enkele bijzondere mensen kruisten zijn levenspad die hem de kans boden een vrij normaal leven te leiden.

Door Reinier Kroesen

Carel Boon is geboren in Maasniel, gemeente Roermond en verhuisde in 1963 naar de Achterhoek. Tot zijn vijftiende verbleef hij in tehuizen omdat men dat thuis het beste vond, zo ging dat in die tijd. "Dit nooit meer," zo besloot hij, het werd zijn levensmotto.

De Geit
Hij bezocht de Ds. van Dijkschool en kwam in contact met directeur Gijs Blankesteijn - in 1924 de eerste principiële dienstweigeraar van Nederland, bijgenaamd 'De Geit' vanwege zijn albino-uiterlijk. Aan Blankesteijn heeft hij heel veel te danken, die zei dat hij een leerling als Carel een uitdaging vond en bouwde het MULO-schoolsysteem voor hem om. Scholieren kregen vervolgens een eigen vast lokaal en pendelden niet meer tussen de drie locaties, de onderwijzers moesten nu op de fiets.

Carel woont nog altijd in Doetinchem aan de Marsmanstraat. "Ik betrok dit huis 55 jaar geleden, ik was de eerste gehandicapte die een eigen woning aanvroeg. Ze keken me aan alsof ik van Mars kwam, zeiden dat ik dat nog geen twee maanden vol zou houden. Na mijn opleiding had ik gelijk een baan bij garage Hoegen Dijkhof, waar ik acht jaar werkte als archivaris. Ondanks mijn spraakgebrek was ik er tweede telefonist. Van het GAK moest ik rijlessen nemen, de oude Hoegen Dijkhof liet speciaal voor mij een DAF ombouwen, hij was zeer begaan met mij. Na drie weken les vertelde ik die instantie dat er iets niet in orde was met mijn reactievermogen, dat ik nooit mijn rijbewijs zou halen. Het GAK deelde mij mee dat ik door moest gaan met lessen. En dat zij het moment van stoppen wel zouden bepalen. Een vriend van mij reed mij daarom maar met die auto de hele Achterhoek door. Na een conflict met de directie volgde ontslag. Daarop kwam ik bij de Wedeo terecht. Ik was er voorzitter van OR en ik had twee jaar lang de personeelschef terug gestuurd naar kantoor omdat hij dingen deed die niet volgens de regels waren. Dat zat hem natuurlijk erg dwars, je had daar een stelletje jaknikkers, maar ik had me overal enorm in verdiept. Reden voor hem mij er weg te sturen met het argument dat ik 'te gehandicapt was'."

'Ze keken me aan alsof ik van Mars kwam'

Revalidatiecentrum Roessingh toonde na onderzoek het tegendeel aan en verzocht de Wedeo voor Carel werk te zoeken. Die zeiden echter dat ze iemand met een zichtbare handicap buiten het bedrijf 'niet konden verkopen'.

Andere blik
Een Roessingh-medewerker vroeg daar toen maar de kaartenbak op met vacatures en regelde zelf een functie voor Boon op de Mariaschool in Ulft. "In het begin werd er op school heel raar tegen mijn handicap aangekeken. Daarop heb ik me ten doel gesteld om door er gewoon maar te zijn, midden in die groep kinderen, ze zo met een andere blik naar mensen zoals mij te laten kijken. Ik hoop dat ze daar veel van hebben meegenomen in hun verdere leven. Als ik merkte dat een kind werd buiten gesloten nam ik de leider van zo'n groep 'pesters' apart. Toen ik ze vroeg waarom ze dat niet met mij deden, maar wel richting klasgenoten, was het meestal gelijk afgelopen."

Nieuwe directeur
Boon werkte 25 jaar op die basisschool toen Michel Ros de nieuwe directeur werd, iemand met wie Carel het bijzonder goed kon vinden. "Hij was net twee uur binnen toen hij me vertelde gehoord te hebben dat ik al jaren niet volledig mezelf kon zijn op de school. Hij vroeg wat hij kon doen zodat ik weer met plezier naar school zou kunnen."

Er werden wat afspraken gemaakt waarna Carel prima verder kon. "Al die jaren was ik administratief conciërge en nam ik de telefoon op, ik stond ook wel eens als vervanger voor een groep. Ik pakte alles aan waarvan ik dacht dat ik dat maar even moest regelen, ik had altijd vier tot zes kinderen om me heen van groep 7 en 8 die me in de pauzes en vrije tijd hielpen. Toen ik 65 werd moest ik met pensioen en tot mijn verbazing belde Michel na drie weken al weer op om te vragen hoe het ging en of ik als vrijwilliger weer aan de slag wilde."

'Wij regelen dat'

Nu zeven jaar later heeft hij besloten te stoppen. "Het vervoer per rolstoel vanuit Doetinchem wordt me te zwaar. Op de laatste schooldag vormden alle leerlingen een erehaag, daarna toch aan de slag, moest nog zesduizend kopieën maken samen met mijn vaste hulpkinderen. 's Avonds tijdens een afsluitend etentje in Engbergen werd gememoreerd dat ik altijd antwoordde als er een opdracht kwam: 'Wij regelen dat'. Pas na mijn uitleg begreep toen een groot gedeelte van de collega's dat ik daarmee bedoelde dat ik dat werk altijd samen met die kinderen verrichtte en daarom in de wij-vorm sprak."

Meer berichten