
Voelen en houden van
OpinieZoals de trouwe lezers inmiddels weten ben ik getogen in Varsseveld. Hierdoor voel ik mij Varssevelder en Achterhoeker. Ik voel mij ook herboren na een ijsbad. Als iemand zegt dat ik dat niet mag voelen, zou dat een beetje gek zijn. Wat je voelt is heel persoonlijk, net als houden van. Ik hou van de eclectische muziek van Dream Theater en heb niet het idee dat ik met deze liefde mensen tot last ben. Je hoeft immers niet hun concerten te bezoeken of de berichten hierover te lezen.
Zodra het over LHBTQI+ gaat, krijgt wat je voelt of waar je van houdt ineens een andere lading. Deze maand is de Achterhoek Pride, en ik las diverse verwerpelijke reacties.
“Een verkrachting van onze mooie Achterhoekse vlag.” De Achterhoekse vlag is een verzonnen uiting van twee commerciële bedrijven en bestaat nog geen tien jaar. Iemand die een verkrachting heeft meegemaakt, zou de term niet zo ongepast gebruiken. Net als bij het woord kanker overigens.
“Wij zijn de anti hetero samenleving helemaal zat.” Als je ergens voor bent, ben je niet automatisch ergens tegen. Ik verwijs hiervoor graag naar mijn column Vals Dilemma van mei vorig jaar.
“Linkse propaganda. Uitbannen deze door de strot geduwde onzin. Om van te kotsen.” Natuurlijk kan iemand deze emotie voelen, maar wanneer een groep mensen ergens van houdt en dit samen viert, dan hoef je daar niet bij te zijn en wordt het ook niet door je strot geduwd. Laten we het eens omdraaien.
Vanaf 11 november verkleden volwassen mensen zich en regeert een fictieve prins in diverse dorpen en steden, die dan een andere naam krijgen. Je hoeft niet aan carnaval mee te doen of de berichten daarover te lezen. De reactie: “Uitbannen deze door de strot geduwde onzin” heb ik nog nergens gelezen.
Als in Movember mannen hun snor staan laten om aandacht te vragen voor prostaat- en teelbalkanker is het ook bizar als men zou reageren met: “Wij zijn de anti-kanker samenleving helemaal zat.”
Tot wie iemand zich seksueel of romantisch aangetrokken voelt, of van wie je houdt is heel persoonlijk. Als iemand zich niet prettig voelt bij zijn of haar geslacht, dan overkomt hem of haar dat. Als een man zich niet prettig voelt omdat zijn haardos uitvalt, dat overkomt hem dat. Reageren met: “Wij zijn de kale-mannensamenleving helemaal zat” zou bij niemand opkomen.
In de eerste alinea heb één manier van voelen overgeslagen: invoelen. In tegenstelling tot mijn gevoel, gaat dit over de ander. Zullen we wat meer rekening houden met onze woordkeuze, en of we überhaupt wel moeten reageren - of is dat toekomstmuziek?
Meindert Bussink










