Afbeelding
Foto: Niek Doup / Unsplash

Waarom Nederlandse vergunninghouders aan de bel trekken over het gokbeleid

Zakelijk nieuws landelijk

De Nederlandse gokmarkt zit in een lastige fase. Vijf jaar na de invoering van de Wet Kansspelen op afstand klinkt er steeds luidere kritiek vanuit de sector zelf. Tijdens het congres Gaming in Holland in Amsterdam lieten vergunde aanbieders en hun branchevereniging deze week van zich horen. Hun boodschap was duidelijk: het huidige beleid dreigt het tegenovergestelde te bereiken van wat de overheid voor ogen heeft.

De kern van de zorg draait om een combinatie van hogere belastingen en strengere regels. Begin dit jaar steeg de kansspelbelasting naar 37,8 procent van de bruto spelopbrengst, de tweede verhoging op rij. De overheid hoopte daarmee de schatkist te spekken, maar de cijfers wijzen een andere kant op. De opbrengsten daalden juist, omdat spelers de legale aanbieders steeds vaker links laten liggen. De Kansspelautoriteit houdt toezicht op de markt en grijpt in waar de regels worden overtreden. Wie wil weten welke vergunde platforms er nog overblijven en hoe ze zich tot elkaar verhouden, vindt een overzicht via het Beste online casino Nederland.

Van schatkist naar weglekkende spelers
De redenering achter de hogere belasting leek logisch: een groeiende markt levert meer geld op voor de overheid. In de praktijk pakte het anders uit. Aanbieders berekenen de hogere lasten door aan hun klanten, waardoor spelen bij een legale aanbieder minder aantrekkelijk wordt. Branchevereniging VNLOK meldde eerder dat zeventig procent van de vergunde aanbieders een kwart of meer van hun omzet zag verdwijnen vergeleken met een jaar eerder.

Die cijfers vertellen een verontrustend verhaal. Spelers verdwijnen niet, ze verhuizen. En de plek waar ze naartoe gaan, valt buiten elk toezicht. De toezichthouder signaleerde dit voorjaar zelf al een structurele verschuiving in de markt. Geld dat eerder bij gecontroleerde partijen terechtkwam, vloeit nu weg naar het buitenland.

Het reclameverbod als breekpunt
Naast de belastingdiscussie speelt er nog een gevoelig dossier. Op politiek niveau gaan stemmen op voor een volledig verbod op gokreclame. Op dit moment geldt zo’n verbod alleen voor sportgerelateerde reclame, maar een totaalverbod zou een forse stap verder gaan. VNLOK-voorzitter Bjorn Fuchs waarschuwde in Amsterdam dat zinvolle regelgeving altijd de bescherming van de speler voorop moet stellen en gebaseerd moet zijn op bewijs en proportionaliteit.

Zijn kernpunt: als beleid faalt, betaalt de consument de rekening. Een verbod dat alleen de legale aanbieders raakt, duwt spelers richting de illegale markt die niemand zegt te willen. Opvallend genoeg deelt de Kansspelautoriteit een deel van die zorgen. De toezichthouder sprak zich eerder publiekelijk uit tegen een totaalverbod op reclame voor online aanbieders en plaatste ook vraagtekens bij een voorstel om het aantal vergunninghouders te beperken.

Een internationaal probleem zonder grenzen
Ook internationale spelers mengden zich in het debat. Pascal Chaffard, verantwoordelijk voor online gokken bij FDJ United, het moederbedrijf achter merk Unibet, verwoordde het scherp. Elke beperkende maatregel die zich uitsluitend op vergunde aanbieders richt en de illegale markt ongemoeid laat, maakt het probleem groter in plaats van kleiner. Het reclameverbod zoals het nu op tafel ligt, riskeert volgens hem juist de verschuiving naar illegale aanbieders te versnellen.

De vergelijking met andere sectoren dringt zich op. Net zoals regionale ondernemers in de Achterhoek samenwerken om grip te houden op hun eigen toekomst, zoals te zien is bij de lokale productie van groene waterstof, vraagt ook de gokmarkt om een gezamenlijke aanpak. De illegale markt respecteert geen landsgrenzen, en een effectief antwoord daarop laat zich evenmin binnen een enkel land organiseren.

Wat consumenten hieruit kunnen halen
Voor de gewone speler lijkt dit een ver-van-mijn-bedshow, maar dat is het niet. De discussie raakt direct aan de vraag waar je veilig kunt spelen. Een legale aanbieder valt onder toezicht, biedt hulpmiddelen voor verantwoord spelen en houdt zich aan strikte regels rond identiteitscontrole en uitbetalingen. Een illegale aanbieder doet dat allemaal niet.

Hoe hoger de drempel om legaal te spelen, hoe groter de verleiding van platforms die zich niets van de Nederlandse regels aantrekken. Daar zit precies de paradox die de sector aankaart. Beleid dat bedoeld is om spelers te beschermen, kan hen onbedoeld in de armen van de illegale markt drijven.

De komende maanden moet blijken welke kant de politiek opgaat. De druk van de sector neemt toe, en zelfs de toezichthouder lijkt op onderdelen mee te bewegen. Voor consumenten blijft de boodschap intussen onveranderd: kies bewust voor een aanbieder met een geldige vergunning, en laat je niet verleiden door platforms die buiten het zicht van de toezichthouder opereren. De markt mag dan volop in beweging zijn, de basisregel voor veilig spelen verandert niet.


Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant