
Festival in Halle-Heide verbindt aan alle kanten
HALLE-HEIDE – Verdeeld over negen verschillende (boeren)erven in Halle-Heide vindt op 14 en 15 september de vierde editie van het festival Op ’t Arf, in de Hiet plaats, met muziek, theater en cabaret. Alleen al de aanloop daarnaartoe brengt heel wat bewoners van deze buurtschap samen, of ze hier nu al hun leven lang of pas héél kort wonen.
Door Luuk Stam
Het stond nog net niet in de koopovereenkomst. Toch wisten Rob Breur (66) en zijn vrouw Ilona Eibrink (56) al voordat ze deze zomer vanuit Friesland naar Halle-Heide verhuisden een heleboel over het jaarlijkse festival in deze buurtschap. De vorige bewoners van hun woonboerderij aan de Bielemansdijk in het buitengebied van Halle hadden er uitgebreid en vol enthousiasme over verteld, zij waren bij eerdere edities ook ‘erf’ geweest. Breur: “Wij zeiden direct: als dat herhaald wordt, dan doen wij zeker mee.”
En of het herhaald wordt: volgende maand staat het festival Op ’t Arf, in de Hiet voor de vierde keer op het programma. Geïnspireerd door het Oerol-festival op Terschelling trekken bezoekers op zaterdag 14 en zondag 15 september opnieuw met de fiets rond van optreden naar optreden, van erf naar erf. Centraal punt is het Heidehuus, gevestigd in de voormalige basisschool, hier is het hoofdpodium te vinden. Op hooguit tien minuten fietsen daaromheen liggen alle andere festivallocaties, waaronder dus het erf van de familie Breur-Eibrink.
‘Voor ons is dit
een heel
mooie
binnenkomer
in de buurt’
Binnenkomer
In hun achtertuin zal op de zondag het Nieuw Amsterdams Klarinet-kwartet neerstrijken, voor drie optredens van elk een half uur. Vele tientallen bezoekers – maximaal vijftig per optreden – zullen hier die dag het erf op fietsen, dat terwijl Breur en Eibrink hier nog maar enkele weken wonen. “Voor ons is het een heel mooie binnenkomer in de buurt”, aldus het stel. “De mensen kunnen ons leren kennen, wij kunnen hen leren kennen. Als je graag wil dat je wordt opgenomen in de gemeenschap, dan zijn dit de activiteiten waar je aan mee moet doen.”
De twee weten wat het inhoudt om te leven in een kleine plattelandsgemeenschap, ze woonden jarenlang samen in het Friese Jellum. Ze wilden graag nog eens in een andere omgeving wonen, zochten naar een nieuw thuis waar de wind wat minder vrij spel heeft, waar het landschap wat gevarieerder is en waar plek was voor een mantelzorgwoning voor de ouders van Eibrink. Dit deel van het land is voor hen niet onbekend. Vader Gerrit is een geboren Rhedenaar, moeder Hennie komt van oorsprong uit Winterswijk.
Rechtstreeks
Hun dochter en haar man kochten hun nieuwe huis begin dit jaar al, maar bleven zelf nog tot vorige maand in Friesland wonen. Gerrit en Hennie kwamen hier wel dit voorjaar al naartoe. Dat kwam ook Bernard Lucassen – organisator van het festival Halle-Heide – ter ore, die al snel op de fiets stapte, zoals hij voor dit evenement heel wat rondfietst door de buurtschap. “Het rechtstreekse contact, dan krijg je het meest voor elkaar”, aldus de zeventiger, die vier jaar terug samen met zijn vrouw Maria de eerste aanzet voor dit alles gaf. Ook bij deze nieuwkomers belde hij aan: “Om ze alvast warm te maken, wat in de week te leggen.”
Dat bleek in dit geval nauwelijks nodig, want de familie was al warmgemaakt voor het festijn dat zich de voorbije drie jaar op de erven hier verspreid over de buurtschap afspeelde. Vader Gerrit Eibrink ontving Lucassen hartelijk. Een belletje naar zijn dochter in Friesland was snel gedaan, direct kwam er groen licht, ook zij zouden dit jaar ‘erf’ worden. “Natuurlijk!”, zegt Ilona Eibrink, nu Halle-Heide inmiddels ook haar nieuwe thuis is. “Zoiets is toch gezellig? En wij vinden zo’n cultureel spektakel – want zo kun je het volgens mij wel noemen – sowieso heel leuk. Daarbij is onze achtertuin er een geweldige plek voor.”
Draaiboek
De ‘elvenkuil’ heet het hier, helemaal in het groen, een vuurkorf, boomstammetjes om op te zitten, het publiek rondom, de nieuwbakken Halle-Heidenaren zien het al helemaal voor zich. Waar Lucassen het eerste contact legde, heeft het stel voor de afstemming in de aanloop naar het festival vooral contact met Jolanda Toonk, die het draaiboek door en door kent. Haar bevlogenheid doet vermoeden dat de 54-jarige Varsseveldse al vanaf het allereerste moment betrokken is bij de organisatie, maar niets is minder waar. Ze maakt dit jaar haar debuut.
Toonk groeide op in Halle-Heide, ging hier naar de basisschool en maakte vorig jaar als bezoekster kennis met dit festival, waar ze ook veel oude bekenden trof. Zo woonde ze een muzikaal optreden bij op het erf van een oud-klasgenote. “Die optredens waren erg leuk, maar waar ik vooral zo enthousiast van werd, was de verbinding tussen mensen die dit festival teweegbrengt”, vertelt Toonk. “Dat voelde je aan alles. Die sfeer, de saamhorigheid, ik kreeg daar zoveel positieve energie van. Ik dacht: hier wil ik aan meedoen!”
‘Die sfeer, die
saamhorig-
heid, ik dacht:
hier wil ik aan
meedoen!'
Bijna veertig vrijwilligers zullen zich deze editie weer inzetten voor dit festival, onder wie heel wat mensen voor wie Halle-Heide al sinds jaar en dag hun thuis is. Waar initiator Lucassen in de beginjaren nog enige terughoudendheid bespeurde – ‘eerst moar ’ns kieken wat ’t wurd’ – ziet hij nu het draagvlak groeien. De medewerking van nieuwkomers als Breur en Eibrink geeft daaraan nog maar eens een impuls. Hun erf staat op het schema ingetekend in het eerste blok van optredens op de zondag. Breur: “Dat betekent dat we daarna zelf een ronde kunnen maken, bij anderen kunnen gaan kijken. Ook dat lijkt ons hartstikke leuk!”
festivalhalleheide.nl

