
Dossier DRU: Het resultaat van de broedende kip
Cultuur Dossier DRUDossier DRU deel 1
ULFT - De situatie van het DRU Industriepark is complex en heeft een lange onstaansgeschiedenis. Naast de actuele ontwikkelingen, sprak ik afgelopen half jaar met diverse stakeholders om een zo compleet mogelijkheid beeld te creëren van de ontstane situatie. In deze eerste aflevering van Dossier DRU zal ik eerst het nieuws van deze week bespreken.
Door Meindert Bussink
In het afgelopen half jaar is de beeldspraak Een broedende kip moet je niet storen regelmatig in de raadszaal van het DRU Industriepark gevallen. Afgelopen donderdag 12 juni kwam hier een einde aan en werd er meer duidelijk over de financiële situatie van hetzelfde DRU Industriepark. Zowel het financiële onderzoeksrapport van adviesbureau Mul over de huidige stand van zaken werd vrijgegeven, als het herstelplan van het DRU Industriepark. Tevens werd het collegevoorstel met een financiële handreiking van 1,7 miljoen euro bekend gemaakt die in de commissievergadering van 19 juni zal worden besproken.
Benodigde informatie
De financiële rapportage van adviesbureau Mul poogt op basis van analyse van de aangeleverde informatie een beeld te scheppen waar en wanneer de tekorten zijn ontstaan en hoe groot deze zijn, maar dat ging niet eenvoudig. “Ondanks dat het verkrijgen van de daarvoor benodigde informatie met horten en stoten van de zijde van DRU tot stand is gekomen, zijn wij erin geslaagd, op grond van de ons aangeleverde informatie, een actueel beeld van de financiële positie te geven. Wel dient er rekening gehouden te worden dat, ondanks herhaaldeijk verzoeken om correcte en volledige informatie, ons tot op de dag van vandaag niet alle gevraagde informatie is aangereikt,” is te lezen in het voorwoord van het rapport.
In de bijlage van het rapport is tevens een uitgebreide achtpagina tellende reactie te lezen van de directeur-bestuurder van het DRU Industriepark Gerk van der Wal waarin onder meer afstand wordt genomen van het conceptrapport dat op 13 maart is ontvangen: “Naar onze mening hebben wij alle door u per e-mail gevraagde informatie aan u geleverd. ../.. Wij willen deze, soms zelfs tendentieuze opmerkingen, weerspreken.”
De reactie van het adviesbureau in het uiteindelijk rapport: “Wat opvalt is dat de kritiek zich beperkt tot de vorm en het procesverloop. Hierdoor mist het rapport een inhoudelijke zienswijze van de directeur-bestuurder. Naar aanleiding van de kritiek op het conceptrapport hebben wij nogmaals aangedrongen op informatieverstrekking. Helaas heeft de directeur-bestuurder ook aan dit laatste verzoek geen gehoor gegeven.”
1,2 miljoen verlies
Het rapport concludeert dat er in 2024 een totaal verlies geleden is van 1,2 miljoen euro: “Vooruitlopend op het ‘Herstel en Ontwikkelingsplan’ blijkt er zonder dekkingsplan circa 770.000 euro in het kader van het ‘Herstel en Ontwikkelingsplan’ uitgegeven. Deze kosten lijken gefinancierd door crediteuren, waaronder de huur rekening Gemeente Oude IJsselstreek, niet te betalen en de financiële ruimte op de rekening BNG tot 600.000 euro maximaal te benutten. Voor 2025 wordt, zonder dekkingsplan, een totaal exploitatie tekort van circa 370.000 euro geprognotiseerd. Inzicht wat betreft vorderingen en kortlopende schulden ontbreekt. Een liquiditeitsprognose 2025 ontbreekt eveneens. Een gedegen onderbouwd noodplan om de huidige financiële situatie te keren is niet ontvangen. De bedrijfsvoering lijkt meer gericht op de geprognotiseerde ambities (2025-2028) dan op een acuut nood-overlevingsplan.”
Vertrouwen
In de toelichting afgelopen donderdag 12 juni zegt wethouder Janine Kock: “Ik moet eerlijk zeggen dat het vertrouwen wel deuken heeft opgelopen. We zijn wel de grootste subsidieverstrekker, maar de directeur-bestuurder geeft inmiddels toe dat hij het niet goed heeft aangepakt en ons eerder had moeten inlichten. De gesprekken zijn inmiddels constructief en de checks en balances zijn met de nieuwe Raad van Toezicht hersteld. We hebben het plan van de stichting gezien en de RvT staat daar ook volledige achter. Daarmee is het vertrouwen er voor het college.”
In het persbericht dat het DRU Industriepark op 12 juni zelf heeft verstuurd, wordt de samenwerking door Gerk van der Wal als volgt verwoord: “We merken ook in de dagelijkse samenwerking met de gemeente dat we echt gezamenlijk optrekken. Er wordt constructief gesproken over het herzien van de afspraken over gebouwen, prestaties en samenwerking. Die gesprekken verlopen prettig en doelgericht, met als doel om tot nieuwe, heldere afspraken te komen.”
Herstelplan
In het bijna vijftigpagina tellende document schets de directie zelf het probleem: “Op basis van deze analyse kan worden geconcludeerd dat Stichting DRU Industriepark zich sinds 2019 feitelijk in een toestand van technisch faillissement bevindt. Dat wil zeggen: de structurele uitgaven overstijgen al jarenlang de structurele inkomsten, en noodzakelijk investeringen zijn uitgesteld of niet uitgevoerd om de liquiditeit op korte termijn in stand houden. Hierdoor is de financiële situatie jarenlang stabieler gepresenteerd dan zij in werkelijkheid was.”
In het plan worden hiervoor elf oplossingen geboden: “Tijdelijk vrijgesteld worden van de huurverplichting over 2024 en 2025, een structurele vermindering van de vaste lasten, het minimaliseren van incidentele investeringen, meer omzet creëren cultureel door ruimere programmering, meer omzet creëren commercieel waardoor de Horeca BV een significante verhoogde bijdrage aan de stichting kan leveren, bezuinigingen waar mogelijk, transparante afspraken met betrekking tot subsidie die jaarlijks worden geëvalueerd, jaarlijkse indexatie van het subsidies bedrag, vierjaarlijkse subsidieperiodes en gezamenlijk aanvragen van fondsen en subsidies.”
1,7 miljoen
Na het rapport van Mul en het herstelplan van de DRU concludeert het college dat ondersteuning nodig is om het dienstenaanbod op het DRU Industriepark te continueren. De eerste oplossing uit het herstelplan, een vrijstelling van de huur van 2024 en 2025 (circa 1 miljoen euro), kan volgens het voorstel van het college worden geregeld door met terugwerkende kracht de subsidie te indexeren: “Door het indexeren van de uitgaven (de gemeente heeft huur wel geïndexeerd), maar niet van de inkomsten is er een scheefgroei ontstaan die steeds verder uiteenloopt.”
Daarnaast stelt het college een reparatie van de toegepaste korting op de jaarlijkse subsidie voor: “Vanwege winstverwachtingen van de Horeca BV is sinds 2018 de subsidie verlaagd met 150.000 euro. De prognoses zijn niet haalbaar gebleken hetgeen ten koste is gegaan van de bedrijfsvoering en een stabiele financiële organisatie.”
Samen maakt dit een bedrag van circa 1,7 miljoen euro. Het college zegt wel strikte voorwaarden te stellen aan het bieden van deze financiële handreiking en deze moeten worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
Gaat de gemeente zelf ook weer huren? “Het moet een uitlegbare offerte zijn om voor de gemeente weer de ruimte te huren. Wat denk ik wel duidelijk is dat de prijzen van 2013 niet meer overeind staan. De lonen uit 2013 zijn ook niet meer hetzelfde,” aldus wethouder Janine Kock.








