Afbeelding
Illustratie M. Bussink

Dossier DRU: ‘Bijeenkomsten met MT en OR steeds afgezegd’

Cultuur Dossier DRU

Dossier DRU deel 6

ULFT – De afgelopen weken schreef ik over de onduidelijkheden rondom de samenstelling van de Raad van Toezicht (RvT) van het DRU Industriepark. In dit vervolg richt ik me op het functioneren van die raad in de periode vóór haar aftreden. Hoe werd toezicht gehouden? Hoe verliep de samenwerking met de directeur-bestuurder? En is de raad op een zorgvuldige manier opgestapt?

Door Meindert Bussink

Taken van een toezichthouder
Een raad van toezicht heeft onder meer de wettelijke en maatschappelijke taak om signalen van disfunctioneren serieus te nemen, het bestuur daarop aan te spreken en – indien nodig – maatregelen te treffen. Denk aan het opschorten van bevoegdheden, het verzoeken om aftreden of het (laten) aanstellen van een tijdelijke waarnemer.
Als een toezichthouder zich in een crisissituatie volledig terugtrekt zonder te zorgen voor alternatieven of overdracht, kan dit worden gezien als een tekortschietende taakopvatting. Zeker wanneer de organisatie zich in financieel of bestuurlijk zwaar weer bevindt.

Samenwerking tussen bestuur en toezicht
Oud-RvT-voorzitter Susanne Katus blikt terug op de samenwerking met directeur-bestuurder Gerk van der Wal: “Er waren bila’s met de voorzitter, maar ook met alle afzonderlijke RvT-leden. Ik had een kenniskaart laten opmaken zodat de bestuurder precies wist voor welke expertise hij bij wie terecht kon. Alles om de bestuurder te helpen.”

Katus noemt ook aanvullende begeleiding: “Een RvT-lid was één à twee dagen per week op locatie om te helpen bij het opstellen van een herstelplan. Daarnaast hadden we aparte commissievergaderingen, visiebijeenkomsten, en informele etentjes na vergaderingen om de onderlinge band te versterken.”

Ook werd een externe begeleider ingeschakeld: “Omdat de bestuurder weinig ervaring had met governance, heb ik iemand ingehuurd om ons beiden te begeleiden in de samenwerking.”

Van der Wal reageert beknopter: “Basis zijn de statuten en de codes. Verder de afstemming in rollen en verantwoordelijkheden. En tot slot door een begeleiding van een ervaren coach in het werkveld van toezicht en bestuur.”

Financiële rapportages en herstelplan
Over de informatievoorziening aan de RvT zegt Katus: “De raad wilde periodieke financiële rapportages, maar die waren er niet. Daaruit bleek dat het financieel niet goed ging. Toen hebben we gevraagd om een herstelplan.”

Volgens Van der Wal werd de RvT wel degelijk geïnformeerd: “De RvT wordt maandelijks en vaker waar nodig op de hoogte gebracht. Er zijn gesprekken en een auditcommissie die specifiek naar de financiën kijkt. Jaarrekeningen worden opgesteld door een externe accountant en vervolgens gecontroleerd door een controlerend accountant. De RvT kan altijd externe expertise inhuren, daar heeft de bestuurder geen zeggenschap over.”

Verantwoording aan stakeholders
Een actueel punt is hoe de RvT zich verantwoordt richting verschillende stakeholders. Katus zegt daarover: “De Raad had overleg gepland met het MT en de OR. Doel was periodiek elkaar bijpraten. Maar deze bijeenkomsten werden om onverklaarbare redenen afgezegd.”

Van der Wal benadrukt dat de verantwoording primair formeel is ingericht: “De RvT legt verantwoording af aan de buitenwereld door goedkeuring van de jaarrekening en het bestuursverslag. Daarnaast door het vooraf goedkeuren van de jaarbegroting. De RvT heeft geen specifiek controlerend orgaan en geen formele rol richting stakeholders – dat is voorbehouden aan de bestuurder.”

Onafhankelijkheid en communicatie
De nieuwe voorzitter van de RvT, Hans de Vroome, wilde niet inhoudelijk reageren op vragen over de huidige situatie: “Je vragen begrijp ik, en het zijn ook vragen die ik eerst graag even afstem met de directeur-bestuurder.”

Op de vervolgvraag of een toezichthouder zich wel onafhankelijk opstelt als hij mediareacties eerst moet afstemmen met de bestuurder, volgde geen antwoord.

Verantwoord opgestapt?
De RvT onder leiding van Katus stapte eind 2024 op, mede vanwege het uitblijven van financiële sturing en vertrouwen in het bestuur. Katus stelt: “Daarom hebben wij ons teruggetrokken. Lijkt mij allemaal vrij helder.”

Op de vraag of de optie om een andere bestuurder aan te stellen nog is besproken, antwoordt ze: “Daar kan ik geen uitspraken over doen, dat is vertrouwelijk. Maar in het algemeen moet je eerst een langere periode iemand zien functioneren voordat je dergelijke keuzes maakt.”

Toch blijft de vraag hangen of de raad met haar vertrek de bestuurlijke verantwoordelijkheid voldoende heeft genomen. Juridisch gezien kan het opstappen van een RvT zonder overgang of alternatief toezicht in een crisissituatie alsnog als tekortschietend worden beoordeeld – zeker als later blijkt dat er schade is ontstaan.

Politieke aandacht en vervolg
Tijdens de raadsvergadering van vanavond bespreekt de gemeenteraad van Oude IJsselstreek de kaders die zij in de afgelopen dagen gezamenlijk en in beslotenheid opstelde voor het herstel van vertrouwen in toezicht en bestuur bij de DRU.

Fractievoorzitter Richard de Lange (ADA) pleitte maandag nog om deze kaders openbaar te bespreken, maar daarvoor bleek geen meerderheid in de raad.

De centrale vraag blijft dan ook: hoe zorgt de gemeenteraad dat het toezicht bij de DRU nu wél functioneert en wie houdt toezicht op de toezichthouder?

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant