
Dossier DRU: Regionale ambitie, lokale financiering en bereikbaarheid
Cultuur Dossier DRUDossier DRU deel 9
ULFT – Op 16 oktober buigt de gemeenteraad van de Oude IJsselstreek zich opnieuw over de toekomst van het DRU Industriepark. Het college presenteerde vorige week een nieuw voorstel, na het aannemen van de motie DRU Vooruit! deze zomer. Voor de raadsleden is dit hét moment om naar de toekomst te kijken, maar zoals de naam van de motie al aangeeft, ligt de nadruk vooral op vooruitkijken. Toch is dit ook het moment om nog één keer een stap terug te doen: hoe zijn we hier beland, en is de oorspronkelijke ambitie nog steeds haalbaar? Is de DRU een waardevolle motor voor cultuur en samenleving, of is het complex wellicht een maatje te groot voor een gemeente van 40.000 inwoners?
Door Meindert Bussink
Een grote droom
In 2006 schreef zakelijk leider van ’t Pakhuus, Harry de Kort, voor Stichting Welzijn Wisch het Gietelinck-plan. Het Silvoldse Pakhuus stond destijds bol van de activiteiten: “Van september tot en met juni is er praktisch elke week een grote activiteit. Er oefenen 26 bands in het centrum, er wordt regelmatig een eigen (meestal spraakmakende) productie gemaakt. Er vinden veel optredens plaats, tevens zijn er voorstellingen voor en projecten met scholen. Het bezoekersaantal is hoog, al jaren gemiddeld meer dan 15.000 personen per seizoen en de leeftijden zijn divers.”
In de Gebiedsvisie DRU Industriepark – deel 2. Van Paasberg tot Engbergen uit 2011 staat onder het kopje ‘Succesvolle transitie’: “Bezoekers leggen vaak het verband met ontwikkelingen op de Westergasfabriek in Amsterdam en herkennen de inspiratie die is opgedaan in de herontwikkeling van industrieel erfgoed van oude mijncomplexen en hoogovens in het Ruhrgebied in Duitsland.”
Het 3D-document uit 2018 (Dromen Denken Doen) legde de lat hoger dan plan Gietelinck. Het DRU-terrein werd omschreven als hét centrale ontmoetingspunt voor cultuur, educatie, innovatie en toerisme. Niet alleen de Cultuurfabriek in het Portiersgebouw, maar een complete smeltkroes van bedrijven, onderwijs en nieuwe economie: “Een bakermat van welvaart en welzijn.”
Ook in de Cultuurnota 2022–2032 wordt de ambitie stevig neergezet: het DRU Industriepark zou landelijk en euregionaal moeten uitgroeien tot een bekend industrieel erfgoedcomplex, vergelijkbaar met de Van Nellefabriek in Rotterdam, de Verkadefabriek in ’s-Hertogenbosch en de Westergasfabriek in Amsterdam.
Hoe realistisch is die vergelijking met de Westergas-fabriek?
Maar hoe realistisch is die vergelijking? De Westergasfabriek ligt in een Amsterdams stadsdeel met ruim 30.000 inwoners, ingebed tussen andere stadsdelen en uitstekend bereikbaar met het OV. Bovendien is de financiering onvergelijkbaar: vastgoedbedrijf Millten kocht in 2018 samen met ID&T-oprichter Duncan Stutterheim de zeventien gebouwen voor 75 miljoen euro.
De Van Nellefabriek werd in 2018 verkocht aan investeerder Virgata en de Verkadefabriek in ’s-Hertogenbosch ligt op nog geen kilometer afstand van een intercitystation en midden in een stad van 112.000 inwoners.
Regionale rol, lokale rekening
Vergelijkbare culturele complexen staan meestal in steden die minstens twee keer zoveel inwoners hebben als Oude IJsselstreek. Daarnaast zijn daar vaak private investeringen of structurele bijdragen van omliggende gemeenten. Bij de DRU is dat nooit van de grond gekomen. De lasten liggen grotendeels bij de gemeentelijke begroting, en dus bij de inwoners.
Een vergelijking dichterbij huis. In de jaarstukken van 2023 van schouwburg Amphion in Doetinchem staat dat Oude IJsselstreek 25 van de 640 aandelen bezit, Bronckhorst 23, Montferland 22 en Doetinchem 570.
Politieke reacties
Gezien de regiofunctie en -ambitie van het DRU Industriepark, is het dan niet logisch dat provincie en buurgemeenten ook structureel meebetalen?
Stephen Gijsbers (Lokaal Belang): “Het aanwenden van verdere financiële mogelijkheden vanuit andere gemeenten of de provincie liggen bij de DRU zelf. De directeur-bestuurder heeft aangegeven regelmatig te zoeken naar mogelijkheden om via externe partijen en subsidieverstrekkers financiering aan te wenden.”
Rens Spijkers (VVD): “Ik zie het ook zo dat de DRU zelf een oplossing moet verzinnen en niet zozeer de politiek, maar het lijkt me het onderzoeken wel waard. De DRU geeft wel aan provincie als mogelijke partner voor financiering te zien, maar volgens mij is dat meer in het kader van subsidie en niet zozeer als mogelijke aanhouder.”
Gerrit Vossers van de DorpEnPlattelandBeweging betwijfelt of die steun ooit komt: “Het is een interessante gedachte dat de provincie en de aangrenzende gemeenten mee zouden betalen aan de DRU. Het klopt dat de gemeenten Oude IJsselstreek, Bronckhorst en Montferland aandelen hebben in Amphion. De bouw van Amphion kostte destijds 30 miljoen, de provincie heeft toen eenmalig 7 miljoen bijgedragen en de 3 genoemde gemeenten elk eenmalig ongeveer 800.000 euro. Reden dat omliggende gemeenten meebetaalden is dat Amphion een grote regiofunctie heeft. Uit onderzoek bleek dat meer dan de helft van de Amphion bezoekers uit omliggende gemeenten afkomstig was. Voor zover ons bekend dragen sindsdien omliggende gemeenten jaarlijks verder niet aan Amphion bij. In 2012 stelde wethouder Haverdil dat Amphion hun eigen broek op moest gaan houden.
De DRU heeft in vergelijking met Amphion nauwelijks een regio functie. De vraag is of omliggende gemeenten bereid zijn om bij te dragen. De Provincie Gelderland heeft met het opzetten van de DRU meebetaald doormiddel van de NUON-gelden. Sinds onze partij in 2022 in de raad kwam is nog nooit gesproken over meebetalen door omliggende gemeentes en/of provincie.”
Willie Oort (PvdA) ziet dat anders: “Amphion en DRU hebben regionale functies, dus in die zin zou het niet helemaal vreemd zijn dat provincie en/of de regio hieraan bijdragen. Inwoners maken over en weer gebruik van elkaars voorzieningen. Joris Bengevoort, voormalig burgemeester van Winterswijk heeft zich in het verleden wel sterk gemaakt om de overige gemeenten tot een bijdrage te verleiden. Daar zijn de handen niet voor op elkaar gekomen. Behalve de aandelen draagt onze gemeente niet bij aan de exploitatie van Amphion. De exploitatie is voor Doetinchem die immers ook als centrumgemeente meer geld ontvangt voor dit soort voorzieningen. Bij de oprichting van Amphion is er wel een gesprek geweest met de provincie.
Aan de Doetinchemse kant bleef het toen oorverdovend stil toen gevraagd werd of Doetinchem bij gaat dragen aan de DRU. Daar was geen sprake van. Tijdens de herindelingsperikelen in de Achterhoek, toen Gendringen in gesprek was met Doetinchem over een mogelijk samen gaan, is er ook over Amphion en DRU gesproken. De DRU zou dan de functie van poppodium intensiveren en Amphion meer als het theater van de Achterhoek. Door het afketsen van het samengaan is deze visie niet verder uitgerold, alhoewel nu in de praktijk blijkt dat het zich zo wel ontwikkelt.”
Directeur Gerk van der Wal onderstreept de regionale rol: “Wij zijn onderdeel van de cultuurcoalitie CEPA en ontvangen middelen voor grensoverstijgende projecten. De provincie ziet onze waarde, maar stelt één duidelijke voorwaarde: de gemeente moet zich meerjarig expliciet achter onze plannen scharen. Pas dan kan Gelderland structureel bijdragen.”
Bereikbaarheid en publiek
Als de DRU een regionale functie heeft, is het dan ook regionaal bereikbaar? Afgelopen weekend bij nieuwscafé maakte voormalig burgemeester Otwin van Dijk en huidig bestuursvoorzitter van het Slingeland ziekenhuis in Doetinchem zich nog druk over de afslag voor het nieuwe ziekenhuis dat is februari 2027 af moet zijn. Is de bereikbaarheid van het DRU Industriepark passend voor het complex en de ambitie?
De bereikbaarheid van de DRU is niet expliciet in het Mobiliteitsplan 2025-2040 voor Oude IJsselstreek meegenomen weet mobiliteitsadviseur Rick Luimes van adviesbureau Haskoning, voormalig Varssevelder en opsteller van het plan: “Bus 28 is een van de succesvolste buslijnen van de Achterhoek. Die gaat vanaf treinstation Doetinchem via de Slingerparallel in mum van tijd naar Ulft en Gendringen. Ook ’s avonds en in het weekend rijdt die frequent, dus voor de DRU is dat prima voor elkaar. Alleen de inrichting van de bushalte bij de DRU kan beter: deze is bijvoorbeeld nog niet invalide-proof. Ook de Abri en de haltepaal staan wat ver uit elkaar. Dat soort dingen kun je verbeteren.”
Volgens Luimes wordt bij nieuwe woningbouw of bedrijventerreinen altijd naar de bereikbaarheid gekeken: “Dat klopt. Er zijn landelijke richtlijnen voor de hoeveelheid verkeer en parkeren. Bij woningen ga je bijvoorbeeld gemiddeld uit van zo’n zeven autoritten per dag, bij een nieuwe wijk zoals De Tuit in Varsseveld is dat meegenomen. Voor voorzieningen als een theater of schouwburg wordt bijvoorbeeld uitgegaan van zo’n 6 tot 9 parkeerplaatsen per 100 m². Het is mij niet bekend op welke manier dat voor de DRU is meegenomen.”
Een ander punt is de verblijfsduur weet Luimes: “Bezoekers in Doetinchem combineren een voorstelling vaak met winkelen of uit eten, daar maak je er een dagdeel van. In Ulft blijf je waarschijnlijk korter, dat maakt verschil in economische spin-off.”
Bezoekers in Doetinchem combineren een voorstelling vaak met winkelen of uit eten
Wel ziet Luimes dat de bevolkingsgroei in de gemeente het gebruik van voorzieningen kan vergroten. De gemeente heeft de ambitie om tot en met 2030 ongeveer 2.250 nieuwe woningen te realiseren. Het gaat bijvoorbeeld om nieuwe wijken in Ulft, Gendringen en Varsseveld. Dat helpt mee om voorzieningen zoals de DRU levensvatbaar te houden.”
Past de ambitie bij de draagkracht?
De vraag of de ambitie, de schaal en bezoekerspotentieel van het DRU Industriepark past bij de draagkracht van de gemeente is wellicht lastig en pijnlijk om na vijftien nog te stellen, maar wellicht nog wel één keer noodzakelijk. Blijft de DRU een voorziening die de gemeente grotendeels alleen draagt, of lukt het om ook regionale en provinciale partners daadwerkelijk in te schakelen? Of krijgt de verworpen alternatieve motie van aansporing ADA, DePB en Pro! die meer op plan Gietelinck lijkt, waarin een uitgeklede DRU zich voornamelijk richt op theater- en popprogrammering en het vastgoedbeheer terug gaat naar de gemeente, alsnog meer steun? Zijn er nog meer mogelijkheden om de bereikbaarheid van het OV te vergroten? Past een toekomstige spoorlijn van Doetinchem via station DRU naar Bocholt ook bij de ambitie van Dromen Denken Doen?
De kernvraag waar de raad straks voor staat is niet alleen: hoe repareren we de financiën, maar misschien ook nog één keer de vraag was de groeiende ambitie proportioneel? Lukt het om ook regionale en provinciale partners of private financiers mee te laten betalen, zodat de lasten niet uitsluitend op de schouders van Oude IJsselstreek rusten? Als de DRU zichzelf zou bedruipen, was er geen probleem. Maar zolang gemeenschapsgeld de basis vormt, is het de taak van de raad om af te wegen of de lasten in verhouding staan tot het aantal inwoners – en of de culturele maatschappelijke meerwaarde die investering rechtvaardigt en zich verhoudt tot de andere cultuur- en buurthuizen in de gemeente.








