Afbeelding

Vrijwilligers

Opinie

In onze maatschappij kunnen we anno 2024 niet zonder vrijwilligers, of dat nu in het bejaardencentrum is, bij de tafeltennisclub, een muziekfestival of bij een goede doelenstichting. Maar niet alleen de bevolking krimpt, ook het aantal vrijwilligers. Jongeren voelen zich niet echt geroepen en sommigen durven nog bij de vraag of iemand een middag vrijwillig wil helpen te vragen ‘hoeveel het schuift.’

Onze regio, waar naoberschap een groot goed is, is daarop soms helaas geen uitzondering. Onze jeugd komt al vroeg in aanraking met ‘de grote stad’ door studie of sport, en anders is het internet er nog. Hierdoor doen mensen, inclusief de jeugd, veel ideeën op over andere mensen in andere gebieden.

Maar laten wij hier nu in een uniek gebied leven, eentje waarin normen en waarden er nog wél toe doen, waar je wél vraagt aan de buurman hoe zijn herstel vordert na een operatie en waar je wél door de inzet van vele vrijwilligers samen iets voor elkaar kan boksen. Dan maakt het niet uit of dat het rijden van een buurtbus is, het begeleiden van een pupillenteam op de voetbalclub of een bingo organiseren in het verzorgingshuis.

Wat dat betreft kan het woord maatschappelijke stage me niet vaak genoeg gezegd worden in de Troontrede die vandaag uitgesproken wordt. Drie stages van drie maanden inclusief een tussentijds stageverslag en een verslag aan het eind van elke stage, en dat allemaal in het derde leerjaar van de middelbare school, zonder uitzondering. Leren de kindjes ook nog normaal schrijven en hebben we ook een slag geslagen in het lerarentekort. En wie zijn kont tegen de krib gooit, simpel, die gaat niet naar het examenjaar. Dat doet pijn, want waar ouders ogenschijnlijk steeds gemakkelijker worden voor hun kroost, en als er wat is heeft de school het steevast gedaan, een diploma voor zoon of dochter wordt nog wél als belangrijk ervaren. 

Eens kijken of ouders ook zo pamperig zijn als hun kind een maatschappelijke stage niet volbracht heeft omdat die in 80 procent van de dagen niet op kwam dagen, een grote mond had richting zijn stagebegeleider of geen drie woorden op papier kan zetten. Soms is het zo dat een vrijwilliger met zijn betrokkenheid en passie een beter resultaat aflevert dan een beroepskracht die ‘s ochtends met zijn broodtrommeltje en een ‘hangebek’ op zijn stalen ros klimt voor wéér een dag bij de baas. Gelukkig ben ik zelden in de omstandigheid geweest dat ik met een gezicht als een treurwilg bij mijn werkgever aankwam. Ik gun het iedereen, elke maatschappelijke stagiair en ook elke werkgever.

Misschien is dit land dan toch nog niet verloren.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant