
De lieve mensen zijn met meer
OpinieOf je nou de krant leest, naar een podcast luistert of naar een talkshow kijkt, bijna overal komt het woord ‘polarisatie’ voorbij. Polarisatie wil zeggen dat de tegenstellingen tussen groepen in de samenleving toenemen. Mensen komen steeds vaker tegenover elkaar te staan in plaats van naast elkaar. Het zogenoemde denken in wij en zij.
Dat wij-zij-denken is natuurlijk niet nieuw. We doen er denk ik allemaal wel eens aan mee. Helaas neemt het de laatste jaren zulke grote proporties aan dat het steeds vaker leidt tot gewelddadigheden. We kunnen er van gaan somberen, maar beter is het om ons te blijven realiseren dat de goede en lieve mensen met meer zijn. Hoewel de positieve berichten minder vaak het nieuws halen, lees je toch af en toe iets dat dagenlang door je gedachten blijft fladderen. Het biedt een welkom tegenwicht aan de niet-aflatende stroom van onheil en rampspoed.
Begin deze maand las ik in de Gelderlander een indrukwekkend interview met Phillipe en Eline Vegelin van Claerbergen uit Terborg. Vader en zus van de in juni vorig jaar, op 25-jarige leeftijd, vermoorde Lisanne. Als er ergens sprake is van wij-zij-denken, is het wel in het geval van nabestaanden en dader. De woede om het verlies van je dierbare richt zich dan vooral op degene die haar leven genomen heeft. En inherent daaraan ook op degenen die de dader hebben opgevoed… zou je denken. Vegelin van Claerbergen worstelt zelf enorm met gevoelens van verdriet en onmacht. Dan getuigt het van een enorme onzelfzuchtigheid als je contact zoekt met de familie van de man die jouw dochter neerstak. Het leidt tot een gesprek aan de keukentafel van twee vaders die ieder op hun eigen manier slachtoffer zijn van dezelfde gruweldaad. Ik kreeg kippenvel toen ik dit artikel las. Respect voor deze vader, die erin slaagt om het wij-zij-denken opzij te zetten. Een voorbeeld voor velen.
Rond diezelfde tijd brengt Tubantia het bericht over de 87-jarige Jan van der Kamp uit Dalfsen. Hij maakt al vier jaar lang tussen de vier- en vijfhonderd kaarten per jaar en stuurt deze naar mensen die wel een hart onder de riem kunnen gebruiken. Soms zelfs naar totale onbekenden. Mensen die ziek of jarig zijn, of om een andere reden een kaartje verdienen, krijgen prachtige zelfgemaakte gedichtjes van Jan op een door hem zelf gedecoreerde kaart. “Het moet toch mooi zijn”, zegt hij hierover. “Er zijn zoveel eenzame of verdrietige mensen, ze moeten een glimlach krijgen van mijn kaarten.” Veel mensen waren geraakt door zijn onbaatzuchtigheid en medemenselijkheid en wilden hém graag een kaartje sturen. Als je goed bent voor anderen, krijg je ook goede dingen terug, zo blijkt maar weer.
Als ik iemand een lief kaartje van Jan (of van iemand anders) gun, is het wel de familie van Lisanne.










