Afbeelding
Foto: PR.

Dossier DRU: Raad fluit college terug en wil betere oplossing

Maatschappij Dossier DRU Dossier DRU

Dossier DRU deel 5

“Achteraf is het altijd makkelijk een koe in de kont te kijken,” opende wethouder Janine Kock donderdag 19 juni de inhoudelijke vergadering over het voorstel om het DRU Industriepark met 1,7 miljoen euro te ondersteunen. “Wij willen weten wat de knoppen zijn en wat het effect is als je daaraan draait,” aldus Camiel Vanderhoeven van D66. Hij kon zich op zich wel vinden in het voorstel voor een eenmalige reparatie van de indexering en de eerder toegepaste korting, maar volgens hem moeten de afspraken fijnmaziger: “Het is nu volstrekt onduidelijk waar het naartoe gaat. Scheiden en oormerken. Wat levert bijvoorbeeld de popzaal op en wat kost die? Welke geldstroom is voor de huur van de bieb? Met kleinere bedragen die een specifiek doel dienen, is het beter uitlegbaar aan de inwoners.” Vanderhoeven stond niet alleen met deze wensen. Er waren kritische vragen vanuit alle fracties, waardoor het college terug moet naar de tekentafel om de DRU te redden.

Door Meindert Bussink

Wethouder Kock draaide daarop de rollen om en legde de bal bij de raad: “Wij als college horen dan graag de kaders van u.” “Het liefst morgen,” was haar antwoord op de vraag van Rens Spijker (VVD) hoe lang het college daarvoor de tijd krijgt. “We hebben negen maanden op onze handen gezeten. We willen eerst de cijfers van 2024 en het eerste kwartaal van 2025,” reageerde Herman Vreeman van de DePB verongelijkt.

Willie Oort (PvdA) en Jan Bogerd (PRO!) vroegen daarnaast om de concept-raamovereenkomsten: “Daar ligt de bal bij u.” Wethouder Kock: “Die van 2025 is al verstrekt, met geheimhouding vanwege bedrijfsgevoeligheid. De versie over 2024 komt later, vanwege een uitgebreidere verantwoording die men vanaf nu wil presenteren. Wij verwachten die deze maand.”

Naast meer inzicht in de cijfers kwam ook de haalbaarheid van de plannen ter sprake. “Wensdenken,” aldus Vanderhoeven. Bogerd verwees naar pagina tien van het adviesrapport van Mul, waarin wordt gesproken over een onrealistische prognose. Jeanette Elstak van het CDA sprak over losse eindjes in het voorstel en vond de financiële onderbouwing te fragiel.

Raad van Toezicht
Ook stelden PRO! en DePB de samenstelling van de Raad van Toezicht (RvT) van de DRU ter sprake. Wethouder Kock: “Er zou geen geldige RvT zijn. Dat moet ik echt bij de stichting laten; wij zijn er niet over geïnformeerd dat dat zo zou zijn. Wat wij wél zien, is dat ze er bovenop zitten. Vanuit het college is direct te proeven wat daar leeft.” Via een interruptie vroeg Luuk Wondergem (Lokaal Belang) of de wethouder niet benieuwd was of het inderdaad niet zo is. Kock: “Uiteraard ben ik benieuwd, maar in de korte schorsing ben ik niet in de gelegenheid geweest dat na te vragen. Maar dat is zeker een vraag die er morgen nog uitgaat.”

Keurt de slager zijn eigen vlees?
Vanderhoeven gaf aan de wethouder desgewenst uit de brand te willen helpen en lichtte de situatie verder toe: “De stichting heeft de rechtbank gevraagd om een eerste lid voor de RvT te benoemen. De rechtbank gaf aan dat het wetsartikel waarop de stichting zich baseert, gaat over de benoeming van een bestuur als er géén bestuur is – niet over de benoeming van een Raad van Toezicht. De rechtbank mag dat dus niet doen. Wat in de statuten stond, klopte niet. Vervolgens heeft de rechtbank die statuten aangepast, zodat het bestuur bevoegd werd om de RvT te benoemen als er geen RvT is. Dat heeft het bestuur vervolgens gedaan, en dat was rechtsgeldig.” Zichtbaar opgelucht reageerde de wethouder: “Daar sluit ik mij bij aan. Het is niet de eerste keer dat de heer Vanderhoeven het heel precies weet met de RvT.”

Vreeman vroeg vervolgens of de wethouder betrokken is geweest bij de oprichting van de nieuwe RvT. Kock: “Nee. Het college heeft de vraag gekregen om zelf zitting te nemen in de RvT, en daarvan hebben we gezegd: ‘Dat gaan we niet doen.’ Het college hecht aan de zuiverheid van rollen. Als subsidieverstrekker in de RvT gaan zitten, vonden wij geen goede keuze. In gesprekken met de directeur-bestuurder is wel besproken om iemand voor te dragen. Die hoeft geen verantwoording aan ons af te leggen; die zit daar omdat wij dachten dat diegene goed toezicht kan houden.” Vreeman vroeg daarop of de bestuurder betrokken is geweest bij de samenstelling. “Jazeker, hij was de enige bestuurder. Iemand moet het doen.”

Vervolgens was er geen raadslid dat verder doorvroeg of het wenselijk is dat de directeur-bestuurder zelf het initiatief heeft genomen voor de samenstelling van het toezichthoudend orgaan, nadat de vorige RvT het vertrouwen in hem had opgezegd. Niemand vroeg zich af of de spreekwoordelijke slager hiermee niet zijn eigen vlees keurt - en of dat niet haaks staat op de Governance Code Cultuur, die de stichting zegt te onderschrijven.

Anonieme bron
Tot slot was Vanderhoeven het enige raadslid dat de wethouder bevroeg over een anonieme bron die stelde dat de cijfers van de DRU regelmatig bij de gemeente op tafel lagen, maar dat de DRU na afloop werd gevraagd deze weer mee terug te nemen, om te voorkomen dat ze opvraagbaar zouden zijn: “Ik kan me bijna niet voorstellen dat dat op die manier gegaan is. Ik zou dat graag bevestigd krijgen van de wethouder, anders hebben we een probleem.” Kock, met droge stem: “Het college kan zich daar niks bij voorstellen en zich daar ook helemaal niet in vinden. We wilden juist inzicht in die cijfers. Daarom hebben wij op 3 december besloten om een onafhankelijk onderzoek in te stellen.” Na een slokje water was daarmee de kous af – en ook hier ging geen enkel raadslid er verder op in.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant