Column Ria Tuenter
Column Ria Tuenter

De nacht is ook van ons

Opinie

Een paar weken geleden fietste actiegroep Dolle Mina’s, net als vorig jaar, ’s nachts door diverse steden in ons land met een duidelijke boodschap: ‘De nacht is ook van ons.’ Aanleiding is de moord op de 17-jarige Lisa van vorig jaar, die ons er weer keihard aan herinnert dat de vrijheid om ’s avonds en ’s nachts over straat te gaan voor vrouwen helemaal niet vanzelfsprekend is.

Zelf ben ik ook opgevoed met de waarschuwing dat je als meisje in het donker op je hoede moest zijn voor mannen. Als ik naar De Radstake ging, werd me op het hart gedrukt dat ik nooit alleen naar huis mocht fietsen. En dat advies nam ik ook ter harte. Meestal dan… Want soms ging een vriendin na afloop nog even ‘brommers kieken in de peerdenstal’. En ik had dan niet altijd zin om op haar te wachten.

De ventweg langs de drukke Twente Route was nog te doen. Daar waren auto’s, licht en leven genoeg. Maar zodra ik afsloeg naar het zogeheten ‘vrijerslaantje’ en daarna door het buitengebied richting de Spiekersweg fietste, veranderde dat. Doodeng vond ik het. Met het hart in de keel fietste ik naar huis. Soms reed er een auto achter me en sloeg mijn hart op hol. Als hij me dan eindelijk voorbij reed, merkte ik dat mijn ademhaling weer wat rustiger werd. Op dat soort momenten was ik zó blij dat ik veilig thuis was. Tot die ene keer…

Een stuk later dan afgesproken kwam ik thuis. Opgelucht dat er onderweg niks was gebeurd, stalde ik mijn blauwe omafiets op ‘de deale’ en liep zo zachtjes mogelijk door de kamer richting de trap. Opeens ging de schemerlamp aan. Daar zat mijn moeder. Te wachten. Ongerust én boos. ‘Waor blief i’j toch, wet i’j wel hoe laat ’t is? Ik was hartstikke ongerust!’, zei ze met overslaande stem. Toen ik later zelf moeder van twee pubers was, begreep ik haar ongerustheid pas echt. En dan had ik nog twee jongens die wel gewoon met hun fiets op pad konden én mobieltjes op zak hadden.

Mijn eigen angst voor wat mannen een vrouw kunnen aandoen, begon toen ik ongeveer acht jaar oud was. In die tijd werd de twaalfjarige Rinie Wielheesen in de Slangenburg seksueel misbruikt en met haar eigen sjaal gewurgd. Vanaf dat moment veranderde er iets. Mijn onbevangen kijk op de wereld, en daarmee ook op mannen, was weg.

Sinds anderhalf jaar ben ik oma van een prachtige kleindochter en houd ik mijn hart vast als ik eraan denk dat zij later uitgaat. Ik hoop dat zij gewoon kan fietsen waar ze wil. Wanneer ze wil. Zonder hartkloppingen. Zonder pepperspray in haar handtas. Ik hoop dat de wereld tegen die tijd een stukje veranderd is. Zodat mijn kleindochter de nacht niet hoeft te vrezen.
Want de nacht is ook van haar.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant